| ''Boeschoten in het nieuws '' |
|
Titel : Sportret van een geboren skelter-ster Subtitel : De skelter cariere van Harijet Boeschoten Bron : Panorama no. 43 1963, (Mr. J. Klaarenbeek) |
Sportret van een geboren
skelter-ster Het woord is natuurlijk afschuwelijk, maar hoe noem je iemand die zich op vier wieltjes en een paar stangetjes voortbeweegt? Een skelterin? een skelterice? een skeltereuse? Harryet Boeschoten uit Doorn, die in landelijke wedstrijden al talloze malen met haar skelter als eerste over de finish is gestoven, vindt dat geen probleem. Haar zorgen liggen op een heel ander vlak. Voor het eerst in de geschiedenis van de vaderlandse sport hebben wij in de blonde Haryet namelijk een meisje ontmoet, dat dolgraag een tikje ouder had willen zijn dan haar officiele papieren op het gemeentehuis uitwijzen. Harryet, die Vondel had kunnen inspireren tot zijn beroemde uitspraak over de ene vrouw, die duizend mannen te erg is, heeft nota bene moeten ervaren, dat zij eigenlijk nog te jong is voor de sport, waarin zij reeds zovele lauweren heeft geoogst. Haar sportcariere is zeker een van de merkwaardigste, die we zijn tegen gekomen sinds deze sportrettenserie startte. Vraag aan onverschillig welke topfiguur in de sport hoe hij of zij kampioen is geworden en u krijgt een lang verhaal te horen van opofferingen, ontberingen, ontzeggingen, doorzetten, volhouden, trainen en wat al niet. Het ranke blondje uit Doorn, dat pas echt begint te leven als haar skeltertje met een snelheid van honderd kilometer per uur over de rechte stukken raast, heeft die fasen allemaal overgeslagen. Iemand op ons kantoor had eens een skelterwedstrijd gezien. Vader ging ook eens kijken, werd onmiddelijk enthousiast, organiseerde een demonstratie in Driebergen en zei toen, dat ik er ook maar eens op moest gaan zitten. Het ging allemaal vanzelf. Wel vloog ik de eerste keer uit de bocht en suisde ik met een gangetje van zeventig kilometer onder een hekje door, maar toen had ik het bekeken. Het is eigenlijk alleen maar een kwestie van sturen, gas geven en remmen. Vader Boeschoten, die als vakman in het autobedrijf in een opslag kon zien dat zijn dochter de vereiste aanleg en feeling bezat, deed haar nog diezelfde dag een skelter cadeau. Harryet schreef in voor de wedstrijden in Drachten, Tegelen, Roermond, Weert, Schiedam, Rotterdam en Amstelveen en toonde zich zo behendig en zo kundig, dat zij met de regelmaat van de klok overwinningen begon te boeken ondanks het feit, dat zij dikwijls de enige vrouwelijke deelneemster was. Wie in vijftien wedstrijden het respectabele aantal van elf bekers weet te veroveren, mag toch zeker wel tot de allerbesten worden gerekend. Maar Harryet, die hiermee bewezen had in de meest letterlijke zin van het woord een geboren kampioene te zijn, ontdekte al gauw dat zij ondanks haar vlekkeloze stijl toch nog wel enig risico liep. Als naijver en jalozie een woordje gaan meespreken, kan skelteren een onaangenaam harde sport worden en het komt helaas voor dat een succesvolle deelnemer op een allesbehalve sportieve manier ''de baan uit'' wordt gereden. Harryet is al eens een keer over de kop gevlogen en heeft al eens haar been opengehaald, wat haar overigens niet heeft verhinderd de skeltersport innig te blijven liefhebben. Nog te jong! De skeltersport is in Nederland nog jong. Ons land telt ongeveer zeshonderd actieve beoefenaars die, zoals Harryets vader voorstelt, eigenlijk verdeeld moesten worden in een groep, die met fabrieks- of importeurssteun rijdt, en een groep die hun skelters zelf bouwen. Deze laatsten kunnen om begrijpelijke redenen nooit op tegen de ''fabrieksgroepen''; zij vallen zelden of nooit in de prijzen en zouden eerlijkheidshalve in een aparte klasse ingedeeld moeten worden. Een tweede probleem, waarmee de Stichting Karting Nederland zich binnenkort zal gaan bezighouden, is de leeftijdsgrens. In Amerika mogen kinderen van negen jaar al op een skelter plaatsnemen. In Italie en Duitsland zijn de leeftijdsgrensen respectievelijk tien en zestien jaar. Nederland heeft voorlopig de grens op achttien jaar gesteld, wat eigenlijk heel naar is voor Harryet, die in de novembermaand van 1944 werd geboren. Een tijdje la ng is alles goed gegaan (de wedstrijdtrofeeen wijzen het uit!), maar op een gegeven moment begon de jalozie toch een woordje mee te spreken. Skelteraars die het nooit van de feilloos slippende en tegensturende Harryet konden winnen, lieten haar doopceel lichten en dat betekende voor het Doornse blondje voorlopig het einde van de wedstrijdsport. Natuurlijk blijf ik rijden, verzekerde het meisje ons. Al mag ik dan niet aan wedstrijden deelnemen, ik blijf in training om mijn bochtenwerk bij te houden. En verder moet ik natuurlijk aan mijn toekomst denken. Middenstandsdiploma, talen... Harryet Boeschoten is het enige meisje in Nederland dat niet kwaad wordt als je zegt, dat ze maar gauw een beetje ouder moet worden. De heren mogen dan op het ogenblik vrij baan hebben - de tijd komt dat juffrouw Boeschoten weer aan de start verschijnt. En als u dan hoort dat zij de hele dag niet gegeten heeft en al een paar dagen een beetje van streek is geweest, dan bestaat er een vlotte kans dat de prijzen weer in Doorn terechtkomen. Jammer, dat de skeltersport nog niet voor iedereen is weggelegd. Hoewel je voor het berijden van een skelter geen rijbewijs nodig hebt en er niet mee op de weg mag verschijnen, heeft de regering dezelfde invoerrechten als of het om een normaal motorvoertuig ging. Harryet breekt zich daar het hoofd niet over. Zij is blij, dat vader in het vak zit, blijft trainen en vindt dat de tijd schijnt te kruipen. |